Huisartsentekort is problematisch
10 augustus 2026
Als patiëntenvereniging hoort UilenSpiegel steeds vaker dezelfde bezorgdheid terugkomen. Mensen maken zich niet alleen zorgen over de wachtlijsten in de geestelijke gezondheidszorg, maar ook over iets veel fundamentelers: de vraag of zij nog wel toegang zullen hebben tot een huisarts.
Voor mensen met een psychische kwetsbaarheid is een vaste huisarts vaak de spil van de zorg. Hij of zij zorgt voor de continuïteit van medicatie, verwijzingen en de afstemming met andere hulpverleners. Wanneer die huisarts stopt en er geen opvolger wordt gevonden, dreigt die continuïteit weg te vallen. Noodzakelijke voorschriften raken niet vernieuwd, behandelingen worden onderbroken en patiënten belanden noodgedwongen bij wachtdiensten of spoedgevallen voor problemen die eigenlijk thuishoren in de eerste lijn.
Een zoekmachine creëert geen zorg.
De onrust hierover lijkt nog onvoldoende door te dringen tot het beleid. Digitale hulpmiddelen zoals een huisartsenzoeker lossen het fundamentele probleem niet op wanneer er eenvoudigweg geen huisarts meer beschikbaar is. Een zoekmachine creëert geen zorg.

Misschien spreken we zelfs over het verkeerde probleem. De uitdaging is niet alleen een tekort aan huisartsen, maar vooral een tekort aan beschikbare huisartsencapaciteit. Hedendaagse huisartsen bieden gemiddeld minder consultatiemomenten aan dan vroeger. Dat is begrijpelijk: zorgvragen zijn complexer geworden, de administratieve belasting is toegenomen en ook artsen streven terecht naar een beter evenwicht tussen werk en privé. Voor de patiënt blijft het resultaat echter hetzelfde: minder beschikbare afspraken en een steeds moeilijkere toegang tot de eerstelijnszorg.
Daarom is dit niet alleen een probleem van de toekomst, maar een acute crisis. De versoepeling van de numerus clausus is een noodzakelijke maatregel, maar de eerste extra afgestudeerde artsen zullen pas over ongeveer zeven jaar aan de slag gaan. Bovendien is er geen garantie dat zij de daling van de beschikbare consultatiecapaciteit volledig zullen compenseren. Voor patiënten die vandaag geen huisarts vinden of hun onderhoudsmedicatie niet meer tijdig voorgeschreven krijgen, biedt dat geen oplossing
Elke dag, elke maand en elk jaar dat doortastende maatregelen uitblijven, wordt het probleem groter. Extra onderzoek naar de medische noden is mooi, maar brengt geen soelaas. Meer huisartsen stoppen, de bevolking vergrijst verder en de zorgvraag neemt toe. Wie vandaag niet ingrijpt, vergroot de crisis van morgen.
Vanuit UilenSpiegel vragen wij daarom dat de toegankelijkheid van de eerstelijnszorg opnieuw een echte beleidsprioriteit wordt. Dat vraagt meer dan extra opleidingsplaatsen alleen. Er is nood aan onmiddellijke maatregelen die de beschikbare huisartsencapaciteit versterken en die gericht worden ingezet in regio's waar de tekorten vandaag het grootst zijn. Dat kan via tijdelijke incentives, publieke huisartsenpraktijken, administratieve ondersteuning of andere maatregelen die snel extra capaciteit vrijmaken. Voor patiënten telt immers niet hoeveel artsen er over zeven jaar bijkomen. Zij hebben vandaag een huisarts nodig.
Toegang tot een huisarts is geen luxe.
Zorg mag geen postcode worden. De plaats waar iemand woont, mag niet bepalen of hij zijn noodzakelijke medicatie kan blijven krijgen, een huisarts vindt of tijdig de nodige zorg ontvangt. Toegang tot een huisarts is geen luxe, maar een fundamentele voorwaarde voor een toegankelijke en kwaliteitsvolle gezondheidszorg.
Eerlijkheidshalve moet worden erkend dat deze problematiek niet uniek is voor België. Heel wat Europese landen kampen met een tekort aan beschikbare huisartsencapaciteit. De oorzaken zijn grotendeels dezelfde: een vergrijzende bevolking, een toenemende zorgvraag, complexere consultaties, administratieve belasting en een veranderende kijk op de balans tussen werk en privé.
Dat roept ook de vraag op of een deel van de oplossing niet op Europees niveau moet worden gezocht. Wanneer landen steeds vaker dezelfde schaarse artsen proberen aan te trekken, verschuift het probleem vooral van de ene regio naar de andere. Meer samenwerking rond opleiding, taakverdeling, digitalisering en de planning van de gezondheidszorg zou kunnen voorkomen dat Europese landen elkaar beconcurreren zonder het onderliggende tekort op te lossen.
Tegelijk ontslaat die internationale dimensie onze overheden niet van hun verantwoordelijkheid. België kan vandaag al veel gerichter investeren in regio's waar de toegankelijkheid van de eerstelijnszorg het zwaarst onder druk staat. Patiënten hebben geen boodschap aan de vraag of de crisis internationaal is. Zij hebben vandaag een huisarts nodig.
Meer achtergrond nodig?
- https://www.tijd.be/politiek-economie/belgie/vlaanderen/tekort-aan-beschikbare-huisartsen-doet-zorg-kraken/10435220.html
- https://www.demorgen.be/meningen/huisartsentekort-zo-lossen-we-het-op~b74dbc6c/
- https://www.doktr.be/blog/een-blik-op-huisartsarme-zones-in-belgie
- https://www.trouw.nl/gezondheid/huisartsentekort-leidt-tot-stress-en-ongecontroleerde-zelfhulp~ba0bfcbe/
- https://www.hbvl.be/regio/limburg/genk/huisartsentekort-steeds-nijpender-we-stevenen-op-een-drama-af/30122688.html
- Vlaanderen leidt 406 huisartsen te weinig op
Jan Delvaux, juni 2026