Patiëntenrechten verdienen een eerlijk debat

Patiëntenrechten verdienen een eerlijk debat

3 juli 2026

Liefst zonder Scientology

De recente tentoonstellingen in Antwerpen en Brussel over patiëntenrechten en (historische) misstanden in de psychiatrie hebben veel reacties uitgelokt. Dat is begrijpelijk. Onderwerpen zoals dwangmaatregelen, toestemming voor behandelingen, bijwerkingen van medicatie, privacy en respect voor patiënten zijn belangrijke thema's die aandacht verdienen.

Het zou verkeerd zijn te beweren dat er in de psychiatrie nooit problemen zijn geweest of dat die vandaag volledig verdwenen zijn. In het verleden zijn er fouten gemaakt. Soms werden patiënten onvoldoende gehoord, werd er te snel naar dwang gegrepen of was er te weinig aandacht voor de nadelen van behandelingen. Ook vandaag zijn er terechte vragen over overmedicatie, wachtlijsten, de afbouw van psychofarmaca, afzondering en het evenwicht tussen bescherming en zelfbeschikking. Kritiek op de psychiatrie is dus niet automatisch onterecht. Vaak heeft die kritiek zelfs geholpen om de zorg te verbeteren.

Kritiek met een verborgen agenda

Tegelijk mogen we ook kritisch kijken naar de organisaties die zulke kritiek verspreiden. De tentoonstellingen werden georganiseerd door de Citizens Commission on Human Rights (CCHR). Deze organisatie werd in 1969 opgericht door de Scientologykerk en de psychiater Thomas Szasz. Volgens haar eigen missie wil ze misbruiken in de geestelijke gezondheidszorg bestrijden en patiëntenrechten verdedigen.

Veel onderzoekers en onafhankelijke waarnemers zien CCHR echter niet als een gewone patiëntenrechtenorganisatie. Zij wijzen erop dat de organisatie nauw verbonden is met Scientology en een uitgesproken anti-psychiatrische visie uitdraagt. Volgens die critici gebruikt CCHR terechte bezorgdheden over patiëntenrechten om een bredere agenda te ondersteunen: het in vraag stellen van psychiatrie, psychologische behandelingen en psychofarmaca. Sommigen zien de organisatie daarom als een dekmantel voor de standpunten van Scientology en als een middel om nieuwe ‘zieltjes’ aan te trekken.

Eerlijke kritiek

Dat onderscheid is belangrijk. Het is perfect mogelijk om misstanden in de geestelijke gezondheidszorg aan te klagen zonder daarom de psychiatrie volledig af te wijzen. Ook UilenSpiegel, veel hulpverleners en onderzoekers doen dat. Zij erkennen dat de psychiatrie tekortkomingen heeft, maar ook dat zij voor veel mensen hulp, stabiliteit en herstel mogelijk maakt.

Een gevaar in elk maatschappelijk debat is dat terechte kritiek wordt gebruikt om veel verdergaande conclusies te trekken. Dat er soms misbruik van dwang voorkomt, betekent niet dat alle psychiatrische zorg verkeerd is. Dat sommige medicijnen ernstige bijwerkingen kunnen hebben, betekent niet dat psychofarmaca voor niemand nuttig zijn. Wie opkomt voor patiëntenrechten, hoeft daarom niet tegen de psychiatrie te zijn.  

Voor patiënten, familieleden en hulpverleners blijft het belangrijk om open én kritisch te zijn. Open voor verhalen van mensen die negatieve ervaringen hebben gehad met de geestelijke gezondheidszorg. Kritisch tegenover instellingen die fouten maken. Maar ook kritisch tegenover organisaties die zulke ervaringen gebruiken om hun eigen ideologische overtuigingen te verspreiden.

Patiëntenrechten zijn te belangrijk om het eigendom te worden van één beweging, één organisatie of één ideologie. Een sterk debat vertrekt van feiten, ervaringen, wetenschap en respect voor verschillende standpunten. Alleen zo kunnen we de geestelijke gezondheidszorg blijven verbeteren in het belang van de mensen om wie het uiteindelijk gaat: de patiënten zelf.

Tekst: Jan Delvaux  

Close